Sterke economie, maar wel veel complicaties

  • De wereldeconomie huppelt vrolijk door
  • Ondernemersvertrouwen VS bereikt hoogste niveau sinds de jaren ‘80
  • Veel onzekerheden op de achtergrond

De Amerikaanse economie doet het nog steeds goed. De ISM-index voor het ondernemersvertrouwen in de verwerkende industrie is gestegen van 58,1 in juli naar 61,3 in augustus, de hoogste stand sinds mei 2004, toen de index op 61,4 stond. Afgezien van 2004, moeten we terug naar 1983 voor een periode waarin Amerikaanse bedrijven volgens deze maatstaf optimistischer waren dan nu. De index voor de niet- verwerkende industrie liep in augustus ook sterk op naar 58,5 tegen 55,7 in juli. Hierbij moet worden opgemerkt dat de concurrerende PMI-indices voor het ondernemersvertrouwen van Markit in augustus lager uitkwamen en de daling van de voorgaande drie maanden voortzetten. De ISM-index is onze favoriete maatstaf, omdat deze een heel lange historie heeft en een sterkere correlatie met het Amerikaanse bbp laat zien dan de PMI van Markit.

De meeste andere Amerikaanse indicatoren bevestigen dat het goed gaat met de economie van de VS, hoewel er ook enkele minder sterke onderdelen zijn. De verkoop van auto’s daalde in augustus bijvoorbeeld opnieuw en bereikte het laagste niveau van de afgelopen 12 maanden. Per saldo is er echter alle reden om te verwachten dat de Amerikaanse economie in een boventrendmatig tempo blijft groeien.

Zwakke fabrieksorders in Duitsland in juli

Vorige week zijn er in Europa weinig interessante macrocijfers verschenen. De ontwikkeling van de Duitse fabrieksorders in juli vormde een grote teleurstelling. Na een daling van 3,9% m-o-m in juni werd een herstel van de fabrieksorders verwacht. Dat bleek niet het geval; ze daalden met nog eens 0,9% m-o-m, waardoor de groei op jaarbasis negatief bleef (-0,9). Deze zwakte was te wijten aan de orders uit het buitenland. De binnenlandse orders zijn juist gestegen. De orders uit andere landen van de eurozone ontwikkelden zich iets beter dan de orders uit landen buiten de eurozone (-2,7% tegenover -4,0%). Vooral de orders voor kapitaalgoederen waren zwak: -2,4% m-o-m. Er was een sterk verschil tussen orders uit het binnenland (+4,1%) en het buitenland (-6,5%). De sterke daling van de buitenlandse orders voor kapitaalgoederen volgde bovendien op een terugval van 5,4% in juni.

De zwakte van de buitenlandse orders, vooral in de sector kapitaalgoederen, is moeilijk te rijmen met de tekenen van forse bedrijfsinvesteringen wereldwijd. Zo waren de sterke winsten en het tekort aan arbeidskrachten voor Japanse bedrijven in de afgelopen jaren reden om meer te investeren. De Japanse investeringen namen in het tweede kwartaal toe met 12,8% j-o-j; exclusief software bedroeg de stijging 14,0%. Ook in de VS zijn de investeringen sterk gegroeid. Volgens de meest recente cijfers stegen de nieuwe orders voor kapitaalgoederen (excl. defensie en luchtvaart) in juli met 1,6% m-o-m en 8,8% j-o-j en de leveringen met 1,0% m-o-m en 7,7% j-o-j. Het zou vreemd zijn als Duitsland, als een van de grootste producenten van kapitaalgoederen, niet een graantje zou meepikken van deze sterke ontwikkeling.

De zwakke ontwikkeling van de Duitse orders valt ook moeilijk te rijmen met de sterke stijging van de Ifo-index die ik vorige week kon melden. Ik heb dan ook de neiging om ervan uit te gaan dat de zwakke ordercijfers enigszins een aberratie zijn en dat er in augustus een correctie volgt.

Onzekerheden op de achtergrond

De wereldeconomie huppelt vrolijk door, maar veel ontwikkelingen kunnen in de komende periode een negatieve uitwerking hebben. In de afgelopen maanden hebben we hier al volop over geschreven. Op het moment van schrijven heeft de VS nog niet bekendgemaakt of er invoerheffingen op nog eens USD 200 miljard aan Chinese goederen komen, maar een verdere escalatie van het handelsconflict lijkt waarschijnlijk. We kunnen ons daarom afvragen wanneer de vergeldingsacties over en weer hun stempel gaan drukken op de economische bedrijvigheid. We denken niet dat het nu al zover is. En we hebben nog steeds goede hoop dat de schade uiteindelijk beperkt blijft, doordat verschillende beleidsmakers tot bezinning komen.

Een andere factor die economische gevolgen kan hebben, is de Amerikaanse politiek. De Democraten kunnen in november een meerderheid krijgen in het Huis van Afgevaardigden. Dit zou de manoeuvreerruimte van president Trump op het gebied van het begrotingsbeleid sterk beperken. En de kans dat een afzettingsprocedure tegen Trump wordt gestart, neemt dan toe. In dit verband zou het nieuwe boek van Bob Woodward over het presidentschap van Trump en het Witte Huis, ‘Fear’, verdere onthullingen kunnen bevatten. Een afzettingsprocedure zou volgens mij veel onzekerheid met zich meebrengen en is iets waarop de financiële markten niet goed zouden reageren.

Europa heeft haar eigen problemen: Brexit, de Italiaanse begroting en de sterk afgenomen populariteit van de Franse president Macron zijn slechts enkele voorbeelden. Op een of andere manier lossen Europese problemen zich op den duur wel op. Volgens de meest recente signalen komt de Italiaanse regering met een begroting die de goedkeuring van de Europese commissie heeft.

De meeste aandacht ging de afgelopen tijd uit naar de opkomende markten. De turbulentie op de financiële markten in Turkije en Argentinië heeft zich uitgebreid naar andere landen. Dit is besmetting. Onze mening is altijd geweest, en is nog steeds, dat een sterk ontwrichtende besmetting nog steeds onwaarschijnlijk is. De meeste opkomende economieën staan er fundamenteel veel beter voor dan in voorbije periodes waarin besmetting veel schade veroorzaakte. Ik moet toegeven dat het verontrustend is dat ook landen en valuta’s die er fundamenteel gezien goed voor staan onder druk zijn gekomen. Volgens mij is het nog steeds aannemelijk dat dit niet zal uitgroeien tot een grote crisis. Het belangrijkste risico dat ik hier zie is de manier waarop marktpartijen gaan reageren op een verdere verkrapping door de Amerikaanse Federal Reserve.