Ons geduld wordt, voorlopig, beloond

Vorige week luidde de titel van deze publicatie ‘Geduld op de proef gesteld’. Ons gematigd optimistische idee dat de wereldeconomie het dieptepunt bijna bereikt heeft, werd immers opnieuw niet ondersteund door de gepubliceerde cijfers. De afgelopen dagen hebben we echter enig bewijs voor ons standpunt gezien. In de Amerikaanse cijfers tekent zich een steeds duidelijker beeld van een (bescheiden) verbetering af. En zelfs in Europa steken hier en daar de eerste groene scheuten weer de kop op. Niettemin vormt één week met betere cijfers natuurlijk nog geen reden voor een al te groot optimisme.

Met Europa blijft het kwakkelen, maar…
De Europese economie is nog altijd erg zwak. Als de eurocrisis weer oplaait en de spanningen toenemen, kan de economie weer in een recessie terugvallen. De kans is zelfs groot dat de Europese economie in het derde kwartaal iets gekrompen is en ook in het vierde weinig zal groeien. De cijfers van vorige week waren ook niet hoopgevend. De Duitse fabrieksorders zijn in augustus met 1,3% m-o-m gedaald (-4,8% j-o-j). Dit cijfer schommelt weliswaar vrij sterk, maar het is wel een belangrijke indicator van de stand van de conjunctuur.

Toch waren er ook enkele lichtpuntjes. De detailhandelsomzet in de eurozone is in augustus, net als in juli, met 0,1% m-o-m gestegen, terwijl voor juli aanvankelijk een daling van 0,2% m-o-m was gemeld. De werkloosheid in de eurozone bedroeg in augustus 11,4%, even hoog als in juli maar dit cijfer is naar boven bijgesteld van 11,3%. In absolute cijfers zijn er in augustus 34.000 werklozen bijgekomen, de kleinste stijging sinds april 2011. In Italië is de werkloosheid verrassend genoeg gedaald en in Spanje is ze slechts matig gestegen. De negatieve uitschieter was Frankrijk, met een stijging van 29.000. In een van de landen met een steunprogramma, Ierland, lijkt het weer de goede kant op te gaan, al blijven de problemen aanzienlijk. Uit overheidscijfers blijkt dat de werkloosheid in Ierland in september opnieuw is gedaald. Het aantal officiële werklozen is sinds 2010 niet meer zo laag geweest. De inkoopmanagerindices voor het ondernemersvertrouwen (PMI) laten een vergelijkbaar beeld zien. Zowel de PMI voor de industrie als die voor de dienstensector is in september in Ierland gestegen. Ook in veel andere eurolanden neemt het ondernemersvertrouwen weer toe. De negatieve uitschieter is ook hier Frankrijk. De PMI voor de industrie is er naar 42,7 gezakt, de laagste stand sinds april 2009! Deze slechte cijfers uit Frankrijk moeten geen trend worden, want dat zou een reden tot grote zorg zijn.

De Italiaanse overheidsfinanciën zijn een andere kleine meevaller voor Europa. Het begrotingstekort over de eerste negen maanden van dit jaar bedroeg EUR 45,5 miljard, aanzienlijk minder dan de EUR 59,0 miljard van 2011 en de EUR 65,0 en 72,4 miljard van respectievelijk 2010 en 2009.

Wisselend beeld mondiale inkoopmanagerindices
Op de eerste werkdag van de maand verschijnen in veel landen de cijfers over het ondernemersvertrouwen (gebaseerd op enquêtes onder inkoopmanagers). Die van vorige week leverden een wisselend beeld op. Dat klinkt niet goed, maar de cijfers waren aanzienlijk beter dan eerder dit jaar, toen ze merendeels slecht waren. In onder andere Taiwan, Korea, Mexico en Singapore is het ondernemersvertrouwen in september licht gedaald. Dat is van belang omdat deze economieën, vooral die in Azië, als conjuncturele voorlopers beschouwd moeten worden. Gelukkig zijn er ook landen waar het ondernemersvertrouwen is toegenomen, zoals China (zij het slechts weinig en vanaf een laag peil), Brazilië, Rusland en Turkije.

Volgens de Tankan-index is het ondernemersvertrouwen in Japan in het derde kwartaal afgenomen, zij het niet zo sterk als verwacht. De meeste andere cijfers uit Japan van de afgelopen week waren ongunstiger.

Onze favoriet is…
…de Amerikaanse ISM. Van alle indices van het ondernemersvertrouwen leverde die zonder meer de meest positieve verrassing op. De ISM voor de industrie steeg van 49,6 naar 51,5 en deed het daarmee veel beter dan verwacht. De ISM voor de dienstensector verbeterde van 53,7 in augustus naar 55,1 in september. Ook de details waren positief: het aantal nieuwe orders neemt toe. Uit het ISM-rapport komt de binnenlandse vraag als de belangrijkste aanjager naar voren.

In de VS zijn in september opnieuw meer auto’s verkocht, in totaal 14,9 miljoen stuks (op jaarbasis), dat wil zeggen +13,6% j-o-j en zo’n 65% meer dan op het dieptepunt in 2009. Bovendien is er nog flink wat ruimte voor verdere groei. Gezien de leeftijd van het Amerikaanse wagenpark en de demografische ontwikkelingen kan de verkoop van auto’s verder groeien. In de periode 2000-2006 werden er gemiddeld bijna 17 miljoen auto’s per jaar verkocht.

De omzet in de bouw daalde in augustus in de VS met 0,6% m-o-m. Interessant is dat die daling vooral voor rekening komt van de utiliteitsbouw, want voor nieuwe woningen werd 0,9% m-o-m meer uitgegeven (7,8% in de afgelopen zes maanden). Opmerkelijk is de overeenkomst tussen de autoverkopen en de woningbouw. Vermeldenswaardig is voorts het feit dat het aantal hypotheekaanvragen opnieuw is gestegen. Dit is in ieder geval deels het gevolg van de monetaire verruiming via het QE3-programma van de Fed, dat tot lagere hypotheekrentes heeft geleid.

Belangrijk is tot slot het Amerikaanse werkgelegenheidscijfer over september, dat met een daling van 8,1% naar 7,8% verrassend goed uitvalt. Een dergelijke forse daling wordt meestal veroorzaakt door een krimpende beroepsbevolking en niet door een groei van het aantal banen. In dit geval is de beroepsbevolking echter fors toegenomen, met 418.000. Volgens de zogenoemde household survey is de werkgelegenheid zelfs met het kolossale aantal van 873.000 banen gegroeid. Dit was de op twee na grootste stijging sinds hierover statistieken bestaan (eind jaren veertig). Een mooi cijfer, al geeft het wellicht een iets te gunstige indruk. Bemoedigend was ook de daling van het aantal langdurig werklozen, naar de laagste stand sinds 2009. De household survey schommelt sterker dan de ‘officiële’ index en de media en de financiële markten kijken meestal vooral naar die laatste. Volgens de officiële maatstaf zijn er, conform de verwachtingen, in september slechts 114.000 banen bijgekomen, maar die officiële maatstaf is voor de twee voorgaande maanden wel met circa 86.000 banen naar boven bijgesteld, wat uiteraard alleen maar goed is. Ik heb de indruk dat de stijging van het aantal banen met 873.000 volgens de household survey een te rooskleurige indruk van de arbeidsmarkt geeft. De officiële index met 114.000 nieuwe banen lijkt me echter een onderschatting van de feitelijke ontwikkelingen. Uit de details van de diverse barometers van het consumentenvertrouwen blijkt al geruime tijd dat de arbeidsmarkt aantrekt. Daar staat tegenover dat bedrijven zeer terughoudend zijn met hun investeringsuitgaven. Dit laat zich niet goed rijmen met een sterke verbetering van de arbeidsmarkt.

Al met al waren de cijfers vorige week bemoedigend. De wereldeconomie is nog zwak en kwetsbaar en in Europa en Japan gaat het slechter dan in veel andere landen. Maar uit een aanzienlijk aantal indicatoren blijkt nu toch dat de economie aantrekt of gaat aantrekken. Het is onwaarschijnlijk dat we een periode van sterke groei tegemoet gaan, maar wij blijven bij ons standpunt dat het in iedere geval op dit moment een iets betere kant lijkt op te gaan.

 

Dit is de tekst van de Weekly Comment – zie ook www.abnamro.nl/economischbureau
Mocht u deze publicatie altijd in uw mailbox willen ontvangen, kunt u zich aanmelden via

https://www.abnamro.nl/nl/zakelijk/visie/nieuwsbrief/f_abonneren.html

 

 

Geef een reactie