Geduld op de proef gesteld

We verwachten nog steeds een snelle verbetering van de economische indicatoren, al wordt ons geduld wel op de proef gesteld. De vorige week gepubliceerde cijfers gaven voor een deel al enige verbetering te zien gaven, maar het bewijs voor economisch herstel is nog steeds niet overtuigend. Daar staat tegenover dat de cijfers evenmin op hernieuwde economische malaise wijzen. Het lijkt ons logisch vast te houden aan onze voorzichtig optimistische visie.

Vorige week zijn in Spanje en Frankrijk de begrotingen voor 2013 gepubliceerd. Spanje zet zwaarder in op bezuinigingen dan Frankrijk, terwijl beide begrotingen uitgaan van een mogelijk wat al te optimistische economische groei. Toch zijn het twee strenge begrotingen die de tekorten zeker omlaag zullen brengen. Uit de stresstest voor de Spaanse banken blijkt dat deze nog eens EUR 60 miljard aan kapitaal nodig hebben. Dat is minder dan algemeen werd verwacht, maar het staat nog te bezien of de markt deze uitkomst gelooft.

 Op zoek naar goed nieuws
Wij zijn gematigd optimistisch over de economische vooruitzichten voor de komende kwartalen en ik ben dan ook geneigd om in de cijfers naar goed nieuws te zoeken. Volgens mij neigen de media ernaar om de nadruk op slecht nieuws te leggen en positieve cijfers te negeren. Hoewel je zeker niet kunt stellen dat de verwachte conjunctuurverbetering is ingezet, zijn er voor ons standpunt wel degelijk bewijzen te vinden. Uit cijfers van de ECB blijkt dat de groei van M1 (chartaal geld plus direct opvraagbare tegoeden) van juli op augustus is toegenomen van 4,5% naar 5,1% j-o-j. De gemiddelde groei van M1 is in de laatste drie maanden versneld naar 4,9%. Hoewel M1 meestal weinig aandacht krijgt, is het een vrij goede voorlopende indicator van de economische bedrijvigheid in de eurozone. Gezien deze groei van M1 lijkt het onwaarschijnlijk dat de economie verder in recessie raakt. De groei van M3 (de geldhoeveelheid, gebaseerd op een ruimere definitie) is weliswaar afgenomen van 3,6% naar 2,9% j-o-j, maar dat lijkt vooral het gevolg van basiseffecten.

Goed nieuws komt er ook van de Amerikaanse woningmarkt. Uit verschillende vorig week gepubliceerde prijsindices blijkt dat de huizenprijzen in de zomer opnieuw zijn gestegen, al is het groeitempo afgelopen maand wat afgenomen. De woningmarkt zal waarschijnlijk veel steun ondervinden van het QE3-programma van de Fed. Door de plannen van de Fed om voor USD 40 miljard per maand aan mortgage-backed securities op te kopen totdat de economie aantrekt, is de rente op deze obligaties aanzienlijk gedaald en daarmee ook de hypotheekrente voor consumenten. Als deze trend aanhoudt, neemt de vraag naar hypotheken toe, zowel voor het oversluiten van bestaande hypotheken als voor nieuwe woningaankopen. Deze effecten worden de komende maanden geleidelijk merkbaar. Het consumentenvertrouwen zorgde ook voor goed nieuws uit de VS: dit heeft de afgelopen maanden voor alle indices een duidelijk stijgende lijn laten zien. Die trend sluit aan bij de ontwikkelingen op de aandelenbeurzen, maar weerspiegelt mogelijk ook de bescheiden verbetering van de arbeidsmarkt. Het aantal aanvragen van een werkloosheidsuitkering is de afgelopen week sterk gedaald, maar dat kan ook aan tijdelijke factoren liggen, zoals het wegebben van de effecten van de orkaan Isaac.

De indices voor het ondernemersvertrouwen leveren opnieuw een zeer wisselend beeld op. De Duitse inkoopmanagersindex (PMI) van anderhalve week geleden voor september gaf een verbetering te zien maar de Ifo-index viel tegen. Ook in Nederland viel het ondernemersvertrouwen in september tegen: de index daalde zelfs naar de laagste stand sinds 2009! Ook in Azië was het beeld wisselend, net als in de VS. Vooral de PMI voor de regio-Chicago was slecht. Die daalde van 53,0 punten in augustus naar 49,7 punten in september. Deze daling zou, om er een gunstige draai aan te geven, verband kunnen houden met de droge zomer. De PMI voor Richmond vertoonde juist weer een stijging. Ook de Amerikaanse ordercijfers van duurzame goederen vielen tegen: -13,2% m-o-m, al werd de daling grotendeels veroorzaakt door de luchtvaartorders. Orders voor kapitaalgoederen exclusief defensie, een goede maatstaf voor de bedrijfsinvesteringen, zijn juist licht gestegen, al is het absolute niveau nog steeds relatief laag. Deze cijfers zijn over het geheel genomen niet erg hoopgevend, maar ze geven ook geen aanleiding om ons standpunt te herzien. We hebben ook argumenten die pleiten voor ons standpunt. We noemen de recente ontwikkeling van de inflatie, de afnemende spanning op de financiële markten, de verdere monetaire verruiming, de ontwikkeling van de geldhoeveelheid in Europa, de Amerikaanse woningmarkt, maar ook de trend in de wereldwijde voorraadvorming en de nieuwe stimuleringsmaatregelen die de opkomende landen waarschijnlijk zullen nemen. Al met al genoeg aanleiding om te denken dat ons voorzichtige optimisme uiteindelijk juist zal blijken.

De Spaanse en Franse begroting en de Spaanse stresstest
De Spaanse regering wil het begrotingstekort volgend jaar terugbrengen naar 4,5% van het BBP; de nieuwe Franse regering streeft naar een tekort van 3,0%. De regering-Rajoy in Madrid mag dan sterker inzetten op bezuinigen dan haar tegenhanger in Parijs, beide begrotingen zijn stevig en in beide gevallen lijkt het ons waarschijnlijk dat doelen hier en daar niet gehaald zullen worden. Beide regeringen hebben bovendien structurele hervormingen aangekondigd. Dat is een stap vooruit. De hervormingsplannen gaan uiteraard niet ver genoeg maar we moeten rekening houden met de politieke en maatschappelijke realiteit en beseffen dat draagvlak voor het beleid cruciaal is.

Verder heeft de Spaanse regering de uitkomsten bekendgemaakt van de door een onafhankelijke instantie uitgevoerde stresstest van de Spaanse banken. De conclusie is dat Spaanse banken bijna EUR 60 miljard aan kapitaal tekortkomen. Dat is minder dan verwacht, wat weer twijfels kan oproepen over de soliditeit van de test.

Al met al acht ik de kans groot dat de Spaanse regering financiële steun zal vragen. Misschien wil de premier wachten tot na de regionale verkiezingen later deze maand. Bovendien probeert de regering een situatie te scheppen waarin geen extra bezuinigingen als voorwaarde worden gesteld voor financiële steun. In dat geval kan de regering er namelijk niet van worden beschuldigd dat zij aan technocraten van buitenaf heeft toegegeven.

Gedurende de zomer was het relatief rustig rond de eurocrisis. Dat is inmiddels veranderd. Niet veranderd is ons standpunt dat de beleidsmakers, zij het langzaam, de juiste kant opgaan.

 

Dit is de tekst van de Macro Weekly – zie ook www.abnamro.nl/economischbureau

Geef een reactie